James Ensor even terug in Oostende

Rock Strangers van Arne Quinze, op het Zeeheldenplein van Oostende. Foto JdW

Gepubliceerd in Trouw, 27 juni 2018

Oostende, de Belgische ‘koningin der badsteden’, wil meer internationale bezoekers trekken met de erfenis van zijn bekendste kunstenaar, James Ensor. Een jaar lang zijn zijn schilderijen weer thuis, in het Oostendse MuZee.
De meeste internationale toeristen in de trein van Gent naar Oostende stappen uit in Brugge. Dat pittoreske middeleeuwse stadje bezwijkt bijna onder de cultuurtoeristen, Oostende moet het hebben van de strand- en plezierzoekers. Het Oostendse station, slechts een kwartier verderop, wordt rigoureus gemoderniseerd. Het lijkt of bakstenen hier losser liggen dan elders, want het casino met concertzaal, hier kursaal genoemd, is sinds 1850 al drie keer opnieuw neergezet en aan de boulevard wisselen oude en nieuwe gebouwen elkaar willekeurig af. Veel vervallen grandeur wacht dichtgetimmerd op een grondige renovatie. Je zou Oostende het paradijs voor melancholici kunnen noemen, maar schilderachtig is de badplaats al lang niet meer.

Hoe De Ploeg Groningen ontgon

Jan Altink, De rode boerderij, 1926 en (idem) Het witte paard, 1925. Collectie stichting De Ploeg

(Gepubliceerd in Trouw, 6 juni 2018)

Anders dan De Stijl had De Ploeg – precies 100 jaar geleden opgericht – geen esthetische regels of artistieke theorie. De kunstenaars veranderden wél ons beeld van het Groninger landschap.

Ze kwamen samen in café Vogelzang, aan de rand van de Groningse binnenstad, vandaag precies honderd jaar geleden. Een stuk of acht jonge kunstenaars, schilders vooral, die vonden dat er in hun stad te weinig gebeurde op artistiek gebied. Bijeenkomsten willen ze, tentoonstellingen en lezingen over kunst, vormgeving, muziek. Ze noemen hun vereniging ‘De Ploeg’, een naam die verwijst naar de doelstelling van het ‘ontginnen van het artistieke leven’ in Groningen.
Continue reading Hoe De Ploeg Groningen ontgon

Ook zonder bloed is Abramovics werk nog actueel

De performances van Marina Abramovic uit de jaren zeventig en tachtig vroegen veel van het lichaam en uithoudingsvermogen van de kunstenaars. In Bonn worden ze nu opnieuw uitgevoerd.
(Gepubliceerd in Trouw, 16 mei 2018)

 

Dertig. Een twee drie vier vijf zes zeven acht negen, veertig. Een twee – ik ben rijstkorrels aan het tellen. Tellen als kunst: het is onderdeel van een performance van Marina Abramovic uit 2015. ‘Counting the Rice’ heet het en het idee is, zo zegt het bordje in het museum, om ‘tijd, ruimte, licht en leegte te ervaren en daarover te reflecteren’. Ook kan ‘een verbinding met het hier en nu’ ontstaan.

‘Hier’ is een grote tafel in de Bundeskunsthalle in Bonn, bij de tentoonstelling ‘The Cleaner’ van Marina Abramovic,. een overzichtstentoonstelling die eerder te zien was in musea in Zweden en Denemarken. ‘Nu’ is een zondagmiddag in mei. Buiten lijkt het zomer, binnen een handvol bezoekers. Aan de lange tafel zit nog één andere rijsttelster, de andere achttien plaatsen zijn leeg. Midden op de tafel is zo’n tien kilo witte rijst uitgekieperd en vermengd met zwarte linzen. Bij iedere stoel liggen een papiertje en een potlood. Tassen, horloges en mobiele telefoons zijn opgeborgen in een kluisje achter ons, je kunt een koptelefoon opzetten tegen omgevingsgeluid.

Continue reading Ook zonder bloed is Abramovics werk nog actueel

Jezus, Warhol en veel perfect glimmend naakt gaan prima samen: David LaChapelle in Groningen

Het werk van de Amerikaanse fotograaf David LaChapelle (1963) is vaak vergeleken met platte reclame. Toch gaan de foto’s, op een eigen Hollywoodmanier, de diepte in.
(gepubliceerd in Trouw, 23 april 2018)

Wat zijn ze mooi, de mensen op de foto’s van David LaChapelle. Mooi en perfect naakt, ook dat nog, ze glimmen je tegemoet. En het rare is: die perfectie is echt.

Hij kreeg ze allemaal voor de camera: Madonna, Michael Jackson, Andy Warhol, Lady Gaga, ga maar door. En toen had hij er genoeg van, van al die glamour. Al die beroemdheden, modebladen, al die aandacht, al die seks en drugs en verveling. Dus vertrok hij naar Hawaï en maakte nog perfectere foto’s, met nog mooiere mensen, met het paradijselijke landschap als decor. Nog meer naakt. Zo gaat dat in de wereld van David LaChapelle.

Continue reading Jezus, Warhol en veel perfect glimmend naakt gaan prima samen: David LaChapelle in Groningen

De Escher Company op volle toeren in Leeuwarden

In het gereconstrueerde atelier van Escher

M.C. Escher (1898-1972) woonde de eerste vijf jaar van zijn leven in Leeuwarden. Aanleiding voor het Fries Museum voor een grote tentoonstelling. En neem daar vooral even de trap naar boven.

(Gepubliceerd in Trouw, 2 mei 2018)

M.C. Escher behoeft geen introductie, zijn vlakvullingen en optische illusies zijn wereldberoemd. Een stuk beroemder dan zijn geboortestad Leeuwarden. Slim van het Fries Museum om in het jaar dat Leeuwarden Culturele Hoofdstad is, hier een grote tentoonstelling te wijden aan ‘hun’ Escher.

Eschers geboortehuis is nu weliswaar een museum, maar geen Eschermuseum. Museum het Princessehof opende in 1917, negentien jaar na Eschers geboorte aan de Grote Kerkstraat in Leeuwarden. Toen was de familie Escher al vertrokken uit de Friese hoofdstad. Maurits Cornelis, ‘Mauk’ voor vrienden, woonde er tot zijn vijfde.

In het Keramiekmuseum Princessehof, zoals het geboortehuis inmiddels heet, is een kleine presentatie te zien over Eschers jeugd. Een krantenknipsel verhaalt er over een tentoonstelling van Eschers prenten in dat museum in 1929 waar twaalf betalende bezoekers kwamen.
Continue reading De Escher Company op volle toeren in Leeuwarden

Afrotopia. De biënnale van Bamako in Nederland

In Mali trok de prestigieuze fotobiënnale van Bamako afgelopen winter weinig bezoekers. Nu is de tentoonstelling voor het eerst buiten Afrika te zien, in Nederland. En dat is een grote eer.

(verschenen in Trouw, 20 april 2018)

Joana Choumali, uit de serie ‘Ça va aller’, http://joanachoumali.com/index.php/projects/mix-media/ca-va-aller

Lopend van een nagebouwd Ghanees woonerf naar een tentoonstelling over Soedanese en Keniaanse herdersvolken zullen argeloze bezoekers  van het Afrikamuseum vreemd opkijken: in twee grote ruimtes zijn de komende maanden foto’s en films te zien van hedendaagse Afrikaanse kunstenaars en fotografen.

En die kunstenaars fotograferen geen traditioneel Ghanees woonerf of Soedanese herdersvolken, die maken foto’s en kunst zoals je die in een gewoon kunstmuseum zou kunnen en willen zien. Foto’s met persoonlijke verhalen (een zwart-wit-reportage over een geestelijk gehandicapt broertje), mooie beelden van vreemde plekken (een door Chinezen uit de grond gestampte spookstad in Angola) en een reactie op aangrijpende sociale misstanden (een albino-fotomodel dat met de ogen dicht poseert in een sloppenwijk). Interessante, doordachte, en zorgvuldig uitgewerkte en gepresenteerde kunst. Nee, dit is geen tentoonstelling met bijeengeraapt werk van een paar enthousiaste fotografen, dit is de Biënnale van Bamako.

Continue reading Afrotopia. De biënnale van Bamako in Nederland

Kijk uit: schokkende beelden. Gedoe over World Press Photo.

Vanavond wordt de winnaar van de World Press Photo 2017 bekendgemaakt. De organisatie mikt op veel spektakel, maar het rommelt nu al: waarom zijn er alleen mannen genomineerd voor de foto van het jaar? En waarom zijn de foto’s zo intens en venijnig?

(gepubliceerd in Trouw, 12 april 2018)

Het World Press Photo-circus is weer begonnen. Het spektakel begint in Amsterdam, de stad waar het sinds de eerste editie in 1955 altijd begon. Uiteindelijk bestrijkt de tentoonstellingsmachine honderd steden in 45 landen en komen de winnende foto’s in honderden kranten en op vele websites. Het is dé wedstrijd voor persfoto’s, foto’s die het wereldnieuws zo pakkend en origineel mogelijk vastleggen.

Er is altijd gedoe rond de wedstrijd. In 2013 bleken de foto’s niet echt te zijn, de fotografen hadden er achteraf aan geknutseld. Er kwamen strengere controles. Toch bleken sommige foto’s in 2016 weer niet echt: ze waren geënsceneerd. En bij de editie van dit jaar is er vooraf al commentaar: de geselecteerde foto’s zijn te direct, te rauw, waardoor ze niet tonen wat ze zouden moeten tonen. Volgt u het nog?

Continue reading Kijk uit: schokkende beelden. Gedoe over World Press Photo.

Encore Delacroix? De meester van de 19e eeuw in het Louvre

(Verschenen in De Groene, 2 mei 2018)

Er was nauwelijks een kunstenaar in de tweede helft van de negentiende eeuw die Eugène Delacroix niet als voorbeeld zag. Het was tijd voor een tentoonstelling.

Als het Vincent van Gogh weer eens tegen zat, troostte hij zichzelf met de gedachte dat zelfs Delacroix afwijzingen kreeg. Zelfs Delacroix. De kunstenaar die Van Gogh in één adem noemde met Rembrandt, een genie dat de werkelijkheid verbeeldde zoals die werkelijk was, dat als geen ander wist hoe je kleur moest gebruiken. Al in 1846 noemde Baudelaire hem ‘de laatste uitdrukking van vooruitgang in de kunst’. Later vielen Édouard Manet en Constantin Guys de dichter wat tegen, Delacroix zou Baudelaire’s grote voorbeeld blijven. Er was nauwelijks een kunstenaar in de tweede helft van de negentiende eeuw die Delacroix niet als voorbeeld zag.

Lit défait. Eugène Delacroix, 1825-28.

En nu? Drie, maximaal vier schilderijen bleven hangen in het collectief geheugen, staan in kunsthistorische overzichten, met als nummer één La Liberté guidant le peuple uit 1830, met die halfnaakte Marianne die het volk achter haar de weg over de lijken toont, de Franse driekleur in de hand. Zijn bekendste doeken zijn in het bezit van het Louvre en zijn daar ook te zien, verspreid, omdat sommige doeken zo groot zijn dat ze in de Grande Galerie moeten hangen. Ook Delacroix’ papieren, aantekeningen, schetsen en dagboeken vallen onder het beheer van het museum, en zijn voor een deel te zien in het voormalige woonhuis van de kunstenaar.

Lees verder op de site van de Groene (voor abonnees)

Van Gogh en zijn Japanmanie

Een grootse tentoonstelling in Amsterdam toont de bewondering van Vincent van Gogh voor Japan. (verschenen in Trouw, 27 maart 2018)

Vincent van Gogh, 35 jaar oud, zit in de trein van Parijs naar Arles, Zuid-Frankrijk. Onrustig kijkt hij uit het raam, besneeuwde velden trekken aan hem voorbij. Brandende vraag, zo schrijft hij later: ‘Is het al Japans?’

Besneeuwd landschap bij Arles. Vincent van Gogh, 1888. Privécollectie

Continue reading Van Gogh en zijn Japanmanie

Silhouet in de schijnwerpers

Een kerk is vaak meer dan een plek voor gelovigen. Het Stedelijk Museum in Alkmaar laat zien hoe de Laurenskerk, nu 500 jaar oud, de omgeving bepaalt.

(gepubliceerd in Trouw, 22 maart 2018)

Aan het woord ‘skyline’ kleeft moderniteit. Wolkenkrabbers die zich aan de horizon verdringen, daartussen misschien nog een brug of een ander herkenbaar silhouet. Toch is de skyline als idee veel ouder dan de wolkenkrabber. Vroeger had een stad geen serie hoge gebouwen nodig om een herkenbaar silhouet te hebben, één was genoeg. De Groningse Martinitoren vertelt reizigers al eeuwen van kilometers afstand dat dáár de stad is, als een baken op zee. Hetzelfde geldt voor de Grote of Sint-Laurenskerk van Alkmaar. In het vlakke Noord-Hollandse polder- en duinlandschap steekt de kerk zelfs zonder toren ver boven de horizon uit. Continue reading Silhouet in de schijnwerpers

Boek Le Nouveau Paris. Charles Marville photographs the City Transformation.

Met steun van het Manfred en Hanna Heitingfonds deed ik begin 2015 onderzoek in het Rijksmuseum in Amsterdam onderzoek naar de foto’s van Charles Marville uit de museumcollectie. Hiervan verscheen in maart 2018 een (Engelstalig) boek, deel 18 uit de serie Rijksmuseum Studies in Photography, dat via de webshop van het Rijksmuseum te koop is.